Strijden voor gelijkheid

Ik geloof in gelijkheid. Ik geloof dat de staat de vrijheid en gelijkheid van al zijn burgers moet verzekeren. Al te vaak wordt dit streven naar gelijkheid echter begrepen als louter een streven naar sociaal-economische gelijkheid, een streven dat pas vervuld zou zijn wanneer iedereen precies even welvarend is, een streven gemotiveerd door afgunst. De staat zou dan een Grote GelijkmakingsMachine zijn, die iedereen door de mangel haalt en elk verschil uit een bont en blauw bewerkte mens perst. Hume, in zijn Enquiry Concerning the Principles of Morals, gebruikt scherpe bewoordingen om dit streven naar perfecte welvaartsgelijkheid te veroordelen:

Render possessions ever so equal, men’s different degrees of art, care, and industry will immediately break that equality. Or if you check these virtues, you reduce society to the most extreme indigence; and instead of preventing want and beggary in a few, render it unavoidable to the whole community. The most rigorous inquisition too is requisite to watch every inequality on its first appearance; and the most severe jurisdiction, to punish and redress it.

Het streven naar perfecte gelijkheid van bezit is niet alleen zinloos, zegt Hume, bovendien leidt het ook tot een verarming van de hele samenleving en vereist het een panoptische, almachtige dictatuur — geen prettig vooruitzicht. De woorden van Hume discrediteren echter geenszins elke notie van gelijkheid als een politieke basiswaarde: de interpretatie van gelijkheid in termen van bezit raakt immers niet aan de kern van wat het streven naar gelijkheid drijft.

Gelijkheid is in de eerste plaats een morele notie met belangrijke sociaal-politieke consequenties: willen we recht doen aan het fundamentele morele inzicht dat elke mens als mens gelijk is en dezelfde waarde heeft, dan volgt onvermijdelijk dat de samenleving aan elke mens evenveel waarde en gewicht moet hechten. Een samenleving is gelijk in de mate dat elke burger een volwaardig en evenwaardig lid van die samenleving is, en dus ook aan niemand onderworpen. Deze gelijkheid is niet een louter formeel-legalistische zaak: de gelijkheid van iedereen is niet verworven simpelweg met het gegeven dat bij verkiezingen ieder één stem heeft en dat de rule of law op iedereen op dezelfde manier van toepassing is (al lijkt dat wel een noodzakelijke voorwaarde te zijn); ze heeft bijvoorbeeld ook gevolgen voor de sociaal-economische organisatie van een samenleving. Als een volwaardig burger kunnen deelnemen aan de samenleving is immers maar mogelijk wanneer in bepaalde basisbehoeften is voorzien: een samenleving die de gelijke waarde van elke mens erkent, kan niet toestaan dat sommige van haar leden moeite hebben te voorzien in degelijke huisvesting, gezondheidszorg, onderwijs. Een sociaal zekerheidsstelsel gedragen door de gemeenschap is dan ook niet alleen uit welbegrepen eigenbelang een goede zaak (want wat over meerderen verdeeld wordt, is makkelijker om dragen), maar ook gerechtvaardigd door de eis dat elk van haar leden een evenwaardig burger kan zijn. We kunnen niet doen alsof iemand die aan de rand van de samenleving staat geen reden heeft zich geen volwaardig burger te voelen omdat zijn formele rechten niet geschonden worden.

Bovendien mag het wel zo zijn dat Hume gelijk heeft wanneer hij beweert dat perfecte gelijkheid in bezit noch mogelijk, noch wenselijk is, dat neemt niet weg dat een te grote ongelijkheid evenzeer kwalijke gevolgen heeft. In Le Contrat Social vat Rousseau de gedachtegang op karakteristieke wijze samen. De vrijheid en gelijkheid van elkeen vereist op zijn minst, schrijft hij,

… que nul citoyen ne soit assez opulent pour en pouvoir acheter un autre, & nul assez pauvre pour être contraint de se vendre.

Waar de ene de wanhopige situatie van een ander kan uitbuiten voor eigen gewin, daar schendt de samenleving het gelijkheidsbeginsel, dat zegt dat elke burger een volwaardig en evenwaardig lid is van de samenleving, aan niemand onderworpen — en wie er aan mocht twijfelen of dit nog wel een relevant gegeven is bij ons in België, hoeft alleen maar aan het wijdverspreide fenomeen van huisjesmelkerij te denken. Maar ook op een ander niveau speelt het gegeven dat de concentratie van kapitaal in de handen van enkelen fundamenteel ongelijke machtsrelaties instelt. Om het met een boutade te zeggen: Wanneer de CEO van Moody’s zijn stem verheft, beeft Europa; wanneer mijn moeder haar stem verheft, beeft alleen zijzelf. Hoe je het ook draait of keert, dit is diep problematisch voor een democratie die zich erop voorstaat dat elke stem even zwaar telt. Enkel door zich ook te organiseren en zo hun stem luider te laten klinken, kunnen mensen proberen weerwerk te bieden aan de macht van het georganiseerde kapitaal.

Zelfs waar alle formele rechten verzekerd zijn, kan sociaal-economische ongelijkheid dus leiden tot sociaal-politieke ongelijkheid. Deze laatste ongelijkheid, die mensen veroordeelt tot het statuut van minderwaardig lid van de samenleving, doet zich echter ook voor op andere manieren. De strijd voor vrouwenrechten, bijvoorbeeld, moet niet alleen begrepen worden als een strijd voor formele en sociaal-economische gelijkheid, maar ook als een strijd om door de samenleving als volwaardig en evenwaardig erkend te worden, aan niemand onderworpen. Het heeft tot 1948 geduurd voor vrouwen algemeen stemrecht kregen, en tot 1976 voor vrouwen zonder toestemming van hun echtgenoot een bankrekening mochten openen. Het problematische karakter hiervan was niet louter dat andere wetten golden voor vrouwen als voor mannen: het vernederende was dat vrouwen niet voor vol werden aanzien. Niet in staat zich een eigen mening te vormen (een van de achterliggende redenen voor de socialistische partij om zo lang het been stijf te houden in de strijd voor vrouwenrechten — ze zouden immers toch maar het stemadvies van meneer pastoor volgen), en onderworpen aan de man: een vrouw kon niet anders dan zich het ondergeschoven kind van de gemeenschap voelen.

Maar ook nu nog, nu vrouwen formeel dezelfde rechten bezitten als mannen, zijn maatschappelijke mechanismen aan het werk die vrouwen hun gelijke statuut in de samenleving ontzeggen. Zowel aan de top van het bedrijfsleven als aan de top van de academische wereld zijn vrouwen opvallend afwezig. Het punt is hier niet eens of de afwezigheid van vrouwen een bewuste strategie is: we mogen er vanuit gaan dat elk selectiecomité van zichzelf denkt de meest bekwame persoon voor een job te selecteren, of dat nu een man of een vrouw is. Blijft de vaststelling dat van alle professoren aan de KU Leuven 88% man is, en slechts 12% vrouw. Is het een wonder dat vrouwen beweren dat ze niet als gelijk aanzien worden? En is dat gevoel dan niet gerechtvaardigd? Of we het nu graag hebben of niet, aan posities aan de top van de politiek, van het bedrijfsleven, en van de academische wereld kleeft een prestige en een gewicht die andere posities veel minder genieten, en het zijn net die maatschappelijk prestigieuze en invloedrijke posities die in grote mate gedomineerd worden door mannen. Wanneer de hoofdrolspelers de scène betreden, verdwijnen vrouwen van het toneel. Vandaar ook dat het niet opgaat —in respons op de vragen over het ontbreken van vrouwen aan de top— te wijzen op het grotendeels ontbreken van mannen in bijvoorbeeld het onderwijs. Hun ondervertegenwoordig daar bedreigt hun maatschappelijke status niet op dezelfde manier als de ondervertegenwoordiging van vrouwen aan de top hun maatschappelijke status bedreigt. Zolang het hoogst uitzonderlijk is dat een vrouw een maatschappelijke toppositie bekleedt, hebben vrouwen alle reden te denken dat hen hun rechtmatige gelijke positie in de samenleving ontzegd wordt, en is de strijd voor vrouwenrechten nog niet gestreden.

Het streven naar gelijkheid is geen streven gemotiveerd door afgunst. Het is een strijd gedreven door verontwaardiging. En zolang er mensen zijn wier positie in de samenleving onder druk staat, wier gelijke waarde miskend wordt, is alleen verontwaardiging op zijn plaats.

Een gedachte over “Strijden voor gelijkheid

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s